Kinderen in het migratierecht

Datum: 
21 mei 2015

De bijzondere positie van kinderen en het VN-Kinderverdrag (IVRK) krijgt steeds meer aandacht en dringt via het EU-recht, met name artikel 24 Handvest voor de Grondrechten, en het EVRM binnen in het Nederlandse vreemdelingenrecht. Het kan ook van groot nut zijn om over de grenzen van het vreemdelingenrecht een blik te werpen naar het familie- en jeugdrecht. Deze cursus biedt een (inter)nationaal rechtelijk kader en praktische handvatten.

Aan de orde komen onder meer:
- De noodzaak rekening te houden houden met de belangen van kinderen o.g.v. art 5 lid 5 en art. 17 Richtlijn Gezinshereniging 2003/86.
- Het beoordelingskader onder art. 8 EVRM in samenhang met art. 3 IVRK.
- Artt. 7 en 24 EU grondrechtenhandvest
- De bruikbaarheid in vreemdelingenzaken van General Comment nr. 14 van het VN Kinderrechtencommitee over het best interest beginsel in art. 3 IVRK.
- Waar moet op gelet worden bij het horen van kinderen?
- Relevante factoren voor het Zambrano criterium en artt. 20 en 21 VWEU.
- De toepassing van het Zambrano criterium door de CRvB in zaken waar het Koppelingsbeginsel wordt tegengeworpen alsmede de recente prejudiciele vragen van de CRvB Zambrano.
- Recente ontwikkelingen rond het Kinderpardon.

Docenten
mr . G. Cardol, juridisch adviseur landelijk bureau Raad voor de Kinderbescherming Den Haag en
mr. T.P.A Weterings, advocaat te Amsterdam

Locatie en tijd
Cursus en Vergadercentrum Domstad
Koningsbergerstraat 9
3531 AJ Utrecht
Routebeschrijving
12.30 tot 17.15 uur. 
(12.00 uur inloop met lunch; 12.30 aanvang)

Punten

Niveau
Specialisatie.

Gemiddelde beoordeling
8,2*

Doelgroep
De cursus richt zich op advocaten en professionals die zich in de praktijk bezig houden met het vreemdelingenrecht.

Kosten
€ 365,- voor WRV leden bij Stichting Migratierecht Nederland, € 425,- voor niet-WRV leden (geen BTW), inclusief lunch en digitale reader.

* Gebaseerd op gemiddelde beoordeling cursus d.d. 14 november 2014.